>

Sparen in Driehuizen


Lang geleden bewaarden de meeste mensen hun spaargeld  in de zogenaamde “oude sok”. Veilig weggeborgen onder het matras of in de kast achter het linnengoed. 

Begin 19e eeuw worden de eerste spaarbanken in Nederland opgericht. De Maatschappij tot Nut van het Algemeen neemt het initiatief "om de spaarzin te bevorderen als onderdeel van het proces om het geestelijk leven van de gewone burger te verhogen”. 

Op het platteland wordt het sparen vooral bevorderd door het initiatief van de Duitse plattelandsburgemeester Friedrich Wilhelm Raiffeisen. Hij richt in de jaren ’60 van de 19e eeuw een landbouwkredietvereniging op die de lokale boeren krediet verschaft uit de lokaal aangetrokken spaargelden.  Raiffeisens idee voor de kredietcoöperatie waait ook over naar Nederland. 

Het idee van samen sterk slaat aan. Overal op het Nederlandse platteland beginnen boeren en tuinders hun plaatselijke boerenleenbank. Zij worden eigenaar, lid en bestuurder van de bank en daarmee samen verantwoordelijk. De winsten worden niet uitgekeerd aan de leden, maar jaarlijks toegevoegd aan de reserves. Zo leggen ze een solide basis voor slechtere tijden. 

Op 30 mei 1902 vermeldt de Nederlandsche Staatscourant dat op 23 mei een Coöperatieve Boerenleenbank te Grootschermer, gemeente Zuid- en Noord-Schermer is opgericht. Initiatiefnemers zijn burgemeester Wijndelt Boes en veehouders Jan Wonder, Dirk Koster, Frans Posch en Cornelis Scheringa. 

Cornelis Scheringa woont aan de Kopdammerdijk  B15a in de Noordeindermeer (nu Arisdijk 1, Driehuizen). Hij begint aldaar een agentschap van de Boerenleenbank voor Driehuizen en omstreken. 

Cornelis Scheringa

 

Boerderij Cornelis Scheringa

Boerderij aan de Kopdammerdijk (Arisdijk)                                                                                                                         

Cornelis Scheringa

Als het boerenbedrijf in 1921 wordt overgenomen door zijn dochter en schoonzoon laat hij niet ver van de boerderij aan de Kopdammerdijk een burgerhuis bouwen en stapt enige jaren later over naar het agentschap van de Nederlandsche Middenstand Spaarbank (NMS). 

Deze bank, opgericht  in 1927, heeft ter bevordering van de spaarzin van de Nederlandse bevolking veel agentschappen die zijn gevestigd in woonhuizen. Een gegeven moment (exacte datum is niet bekend maar waarschijnlijk midden jaren ‘30) wil Cornelis  stoppen met de bankzaken en zoekt een opvolger.

In het centrum van het dorp Driehuizen staat de kruidenierszaak annex fouragehandel van Jaap (Jacob) en Grietje Ouweltjes. De tegelplaats voor de winkel staat in het dorp bekend als “de Beurs”. Waarom het zo heet weet niemand meer. In ieder geval niet omdat er gehandeld wordt in aandelen of obligaties. Er wordt wel “gehandeld” in nieuwtjes. 

Het is de plek waar Driehuizenaren (alleen de mannen) na het werk graag bij elkaar komen om lokale gebeurtenissen, sterke verhalen en natuurlijk alle dorpsroddels met elkaar te bespreken. 

Cornelis Scheringa met eierenmand


Heeft Cornelis Scheringa zijn wens om met de bankzaken te stoppen ook op de Beurs besproken? Of is hij rechtstreeks naar Jaap en Grietje Ouweltjes gegaan? Hoe het gesprek is verlopen is onbekend maar wel weten we dat het agentschap van de spaarbank door hen werd overgenomen.

Ook al beheert Cornelis, in het dorp “Ouwe Scheer” genoemd, de bank niet meer, hij blijft een bekende en graag geziene dorpsgenoot.  Tot op hoge leeftijd gaat hij wekelijks met een mand eieren naar de markten in Alkmaar en Purmerend. In 1955 overlijdt de oprichter van het bankwezen in Driehuizen  op 85 jarige leeftijd.


Cornelis Scheringa met eierenmand

Jaap en  Grietje Ouweltjes wonen met hun  2 dochters in een lang huis naast de brug, daar waar in Driehuizen het “rijke end “ begint. De ingang van de Enkabé winkel is aan de dorpstraat. 

Jaap en Grietje Ouweltjes

Driehuizen heeft in die tijd nog drie kruidenierswinkels. De concurrentie is groot en het agentschap is een welkome aanvulling op het inkomen van de familie Ouweltjes. “Als je op Driehuizen geld teveel hebt kun je het bij ome Jaap tegen een aantrekkelijke rente van 2½ % in bewaring geven” zo schrijft neef Wijb Ouweltjes in zijn verslag


Jaap en Grietje met dochters en buurkinderen voor hun winkel

Een Wandeling door Driehuizen op woensdag 24 mei 1939. Klanten die komen voor bankzaken nemen allicht ook wat extra boodschappen mee.

 Midden jaren ’50 vinden Jaap en Grietje het tijd om te stoppen met het agentschap voor de NMS. Maar ze vinden het wel belangrijk dat de bank in het dorp blijft en dus zoeken zij  een geschikte  opvolger. Het moet iemand zijn die het vertrouwen heeft van de dorpelingen, (bijna) altijd thuis is en, heel belangrijk, goed en zorgvuldig kan rekenen.  

Al snel denken zij aan vrouw  Keetman. Timmerman Jan Keetman en zijn vrouw Willy de Ruiter zijn hun buren en wonen eveneens aan het “rijke end” van Driehuizen. Jan is in het dorp geboren, Willy in IJsselmuiden.  Zij hebben hun woning boven de timmerwerkplaats. Het zijn vriendelijke, bescheiden mensen en kunnen met alle dorpsgenoten goed opschieten.  En Willy Keetman wil het agentschap wel overnemen. Het was vaak stil in het bovenhuis en Willy genoot van de aanloop die het agentschap met zich meebracht. Bijna het hele dorp en alle verenigingen hebben hier hun spaarbankboekje. 

Voorblad Spaarbankboekje

Links: Het Voorblad van het spaarbankboekje van het Comité Verzorging Uitgaansdag Ouden van Dagen Driehuizen. 

Rechts: De laatste handtekening van Jaap Ouweltjes en de eerste van Jan Keetman. Daarna tekent Willy Keetman.

Extract Rekeningoverzicht








Voor het dorp verandert er weinig. Ook bij de familie Keetman worden de bankzaken gewoon in huis afgehandeld. Willy heeft hiervoor een klein kamertje ingericht als kantoor. De klanten wachten gewoon in de huiskamer. Interview met Willy Keetman in het boek Thuis in Driehuizen: “Als het zo uitkwam kregen ze koffie. Dat was soms bar gezellig natuurlijk. Het gebeurde wel eens dat ik dacht ‘Hé, er zat toch nog een klant?’ Dan vond ik ze voor de televisie en wilden ze eerst nog even het programma afkijken.  De openingstijden waren maandag en vrijdag van 19.00 tot 21.00. Maar ze kwamen elk uur van de dag. Al die tijd ging alles via hoofdrekenen en werd het op papier genoteerd in het eigen spaarboekje werden de in- en uitgaven bijgehouden. Het was een fijne tijd.” 

Een zilveren gulden en wel 6,5% rente 

Jan en Willy Keetman


Uit de herinnering van een Driehuizer bewoner: “Ik kreeg ook altijd koffie in de kamer en weet nog goed dat Willy voor klanten met kinderen soms een stapel boeken in haar kantoortje had. Dan kreeg ik “Ons Jeugdboek” mee, uitgegeven door de NMS spaarbank. Vol met verhaaltjes, spelletjes en knutseldingen. Ik weet zeker dat nog veel oudere Driehuizenaren zich herinneren hoe Willy dit altijd een beetje plechtig overhandigde” .  

Hoofdrekenen is voor Willy Keetman geen enkel probleem, maar als de computers hun intrede doen en ook Willy hiervoor een cursus moet gaan volgen in Utrecht besluit zij te stoppen met de bank.

Opnieuw is het de vraag wie in het dorp de bank wil en kan overnemen. En ook nu lukt het om een opvolger te vinden. In december 1989 gaan de bankzaken over naar Hok Kwee en Rina Kwee-Brouwer. Hok is geboren in Nederlands Indie (Indonesie) en Rina is de kleindochter van Driehuizer dorpssmid Daan Brouwer.  Zij houden zich al enkele jaren bezig met financiële adviezen en maken  van hun schuur een kantoor. 

De spaarbank verhuist nu naar het “arme end” van Driehuizen, naar de plek waar voorheen de smederij gevestigd was. De NMS (Nederlandse Middenstand Spaarbank)en de NMB (Nederlandse Middenstand Bank) worden samengevoegd tot de Regiobank. Al snel groeit de bank uit zijn jasje en wordt het kantoor vergroot. Naast de bankzaken bieden Hok en Rina ook een ruim aanbod van financiële dienstverlening aan. De kantoren van de Regiobank in Driehuizen, Graft en Schermerhorn gaan in 1997 samenwerken. Het aantal klanten van buiten Driehuizen groeit snel. De kleinschalige huiskamersfeer verdwijnt maar onveranderd blijft het streven tijd, aandacht en persoonlijke benadering voor iedere klant te hebben.

Met de openingstijden blijven de Driehuizenaren flexibel omgaan, dat is men nu eenmaal zo gewend. En de klanten kunnen het geld ook nog gewoon ouderwets aan de balie halen. Een pinautomaat bezit het dorp niet. In 2001 openen Hok en Rina een kantoor in Schermerhorn en in 2005 ook in Amsterdam . Hun hoofdkantoor blijft echter in Driehuizen. Tot Hok Kwee op 26 januari 2014 plotseling overlijdt. Rina zet het kantoor nog twee jaar voort. Maart in 2016 verdwijnt de spaarbank  voorgoed uit Driehuizen. 


Is het bevorderen van de spaarzin als onderdeel van het proces om het geestelijk leven van de gewone burger te verhogen hiermee nu een geslaagd project te noemen? De 2½ % rente die een spaarrekening bij Jaap Ouweltjes en  6,5% bij Willy Keetman nog opbracht is inmiddels gezakt tot bijna 0%. Leningen en hypotheken zijn een normaal onderdeel van het leven geworden. Bankkantoren verdwijnen in rap tempo. Bankzaken worden inmiddels ook door de Driehuizer bewoners thuis, in eigen huiskamer,  per computer afgehandeld. Iedere burger is nu zelf bankier geworden. Sparen in Driehuizen, het is voorbij, voorgoed geschiedenis geworden. 

Auteur: Cora Ney-Bruin / Met dank aan: Gerard Keetman en de familie Meijer-Bood

Dit artikel werd reeds gepubliceerd in “De Kroniek” van de OHV-Het Schermer Eiland en is met toestemming hier geplaatst.

🇳🇱    |  Links  |  Downloads  |  Contact   |  Disclaimer  |  Privacy  |  Auteursrechten | Licentierecht   🇳🇱