>

Eilandspolder


Ligging en omgeving

De Eilandspolder ligt in het midden van Noord-Holland, ingeklemd tussen de droogmakerijen Beemster en Schermer. Dorpen in dit gebied zijn Graft, de Rijp, Oost- en Westgraftdijk, Noordeinde, Grootschermer, Driehuizen en Schermerhorn. Naar het zuiden toe sluit het bijna aan bij het Wormer- en Jisperveld, een gebied met vergelijkbaar karakter. Naar het noorden ligt de polder Mijzen, een min of meer vergelijkbaar gebied, dat echter nog vooral landbouwkundig in gebruik is.

Geschiedenis

De Eilandspolder is een uitermate waterrijk gebied dat in de 13e eeuw werd bedijkt. Tot de 17e eeuw lag het te midden van een aantal zeer grote meren, met name de Schermer en de Beemster, en niet ver van de zee. Merkwaardig is hoe hoog de polder ligt ten opzichte van de droogmakerijen Schermer en Beemster. Van oorsprong is het een licht zilt laagveengebied. Tot voor kort was de Eilandspolder nog grotendeels gebied met vaarland, dat wil zeggen, dat de graslandpercelen niet over de weg te bereiken zijn.

Natuur

De gehele eilandspolder is open en weids van karakter en is in de eerste plaats een weidegebied, zeer rijk aan weidevogels, zoals wulp en grutto. Ook watervogels (smient, plevieren) en vogels van rietlanden (rietzanger) zijn talrijk. Er komen ook natuurlijke meertjes, brede watergangen en veel verlandingsvegetaties voor. Het gebied is tevens nog van belang voor de noordse woelmuis.

In het westelijke gebied, deels in eigendom van Landschap Noord-Holland, wordt het vaarland afgewisseld met kleinschalige droogmakerijen zoals de Graftmeerpolder en de Noordeindermeerpolder. Het gebied is betrekkelijk grootschalig en open van karakter, vergelijken met het oosten en wordt nog in sterke mate voor de landbouw gebruikt. De oostelijke Eilandspolder is vrijwel geheel in eigendom van het Staatsbosbeheer, die het als vogelgebied beheert. Het heeft een meer moerassig, begroeid, (soms zelfs beschut) karakter met veel kleinere vaartjes, maar ook brede hoofdwatergangen.

Bescherming

Van dit gebied is ca 350 ha in eigendom en beheer bij Landschap Noord-Holland en ca. 700 ha bij het Staatsbosbeheer. 

Het door Europa beschermde Natura 2000-gebied meet 1416 ha.

Recreatie

Over de dijken rondom en door het gebied liggen fiets- en wandelpaden, zoals een over de ringdijk van de Schermer. Daar staat ook een vogelkijkhut. Op verschillende plaatsen zijn fietsen, kano's, fluisterboten en roeiboten te huur. Veruit het meeste gebied in het 'binnenland' is vrij toegankelijk over water of ijs, maar aanmeren is slechts op enkele plekken toegestaan. Wel hebben de cafés vaak een eigen steigertje. Bij Graft ligt een 'laarzenpad' met een uitkijkpunt en een paddestoel.


Ontdek de Eilands polder!!

De Eilandspolder is een prachtig natuurgebied waar u varend, wandelend, fietsend  of steppend met plezier kunt ontdekken wat er allemaal groeit en bloeit. 

Dit oude veengebied ligt vol met eilandjes omringt met rietkragen waar weidevogels  en andere dieren nog op te aanschouwen zijn. 

In de verte kunt u de prachtige kerktorens van Driehuizen, Groot-Schermer, Graft en De Rijp zien liggen. 

Middels de vele sloten, dijkjes, weggetjes en bruggetjes kunt het gebied van dorp tot dorp verkennen en genieten van het prachtige natuur- en cultuurgebied.


Recreatie Tips

Kanovaren in de Eilands Polder

> Wandelen in de Eilandspolder




LNH-logo RGB-Heel-Klein
Natuur Dichtbij


Beleef Noord-Holland op z’n mooist


Eilandspolder - Pagina 105 t/m 113

  • Hoofdstuk/Artikel, geplaatst met toestemming, uit: „Beleef Noord-Holland op z’n mooist - Natuur- en wandelgids van Landschap Noord-Holland.
    • Verkrijgbaar in de boekhandel of rechtstreeks bij Landschap Noord-Holland


Water, eilanden en eilanden, en heel veel vogels

Het opmerkelijkst aan deze polder is dat hij zo weinig bekend is onder de Noord-Hollanders. 

Toch is er geen plek in de provincie waar je zo mooi en zo compact de geschiedenis van ons landschap terug kunt vinden, niet bedorven door grootschalige nieuwbouw of snelwegen.  Jammer zijn de hoogspanningskabels die dwars over dit oude land zijn gespannen. De naam van de polder vraagt om uitleg. Je zou kunnen denken dat de Eilandspolder uit heel veel eilandjes bestaat. Maar de naam geeft aan dat dit waterland eens een eiland was, vandaar. Zeven eeuwen terug lag dat eiland midden in het water van de omringende meren, de Schermer, de Beemster en de Wormer, die allemaal nog drooggemaakt moesten gaan worden. 

Het heette toen nog het Schermereiland, een bult van klei met daarop een laag veen, die uitstak boven het water. Als je van Zuidschermer over het smalle landweggetje naar Driehuizen rijdt, is nog steeds te zien dat Driehuizen, een van de dorpen op het Schermereiland, hoger ligt.

Inpolderen

De bewoners ontwaterden het veen, het land klonk in, het waterpeil van Zuiderzee en omringende meren steeg en het werd nodig het eiland in te polderen met een dijk en te bemalen. Dat is in het kort de geschiedenis van veel wanhoop, strijd en hard werken. 

Een geluk was dat de eilanders rijk waren. Het boerenbedrijf was bijzaak, groot geld werd verdiend met de haringvangst. Ze hadden er een eigen scheepstype voor, de haringbuis, afgebeeld op de oude raadhuisjes van Grootschermer en De Rijp, en ze vingen Zuiderzeeharing. De plannen om Schermer en Beemster droog te leggen vonden ze maar niks. Het sloot hun weg af naar zee en de weg over het water naar Alkmaar waar ze melk en kaas verhandelden. Ze saboteerden de dijken en molens die de droogmakerijen moesten bemalen en die nota bene ontworpen waren door hun eigen technische genie Leeghwater. Maar tevergeefs, de meren vielen droog en werden concurrenten in de productie van kaas en andere zuivel. 

Al gauw vonden de eilanders een nieuwe lucratieve investering voor hun opgepotte rijkdommen. Ze staken hun geld in de walvisvaart naar het Hoge Noorden. 

Walvisvaart

Er ontstond een hele industrie in de verwerking van walvisvet. Het ging er zo naar traan stinken dat het beroemde schrijversduo Betje Wolff en Aagje Deken uit De Rijp vertrok. 

Toen de walvisvangst terugliep en de polder geplaagd werd door epidemieën van runderpest, raakte de Eilandspolder in verval.  Er was geen geld meer om zaken anders aan te pakken om te verbouwen of te vernieuwen en daar hebben wij een goed geïllustreerd en levendig geschiedenisboek aan overgehouden. 

Het oude polderland was inmiddels zo uit de tijd geraakt, dat in de jaren dertig van de vorige eeuw het plan op kwam om het maar grondig droog te leggen en te verkavelen. De Tweede Wereldoorlog heeft dat plan verijdeld. Na de oorlog werd ingezien dat dit bijzondere landschap vooral behouden moest blijven. Een inzicht waar niet alle boeren het mee eens waren. 

Op al die eilandjes konden ze nauwelijks een winstgevend bedrijf draaien. 

Het heeft enige moeite en overredingskracht gekost, maar nu is de situatie zo, dat één deel van de polder in bezit is van Staatsbosbeheer en een ander deel in bezit van Landschap Noord-Holland, die beide een groot deel van hun land verpachten aan de boeren. Nog enkele stukken zijn in handen van zelfstandige boeren. Met name in de kleine droogmakerijen binnen de polder, meertjes met een kleibodem die alsnog zijn ingedijkt en droog gemalen .

Het oostelijk deel van de Eilanspolder is van Staatsbosbeheer en is het oudst het huidige verkavelingspatroon voldoet aan de richtlijnen van de bisschop van Utrecht die de gewenste kavelafmetingen, 1250 meter in lengte, had afgekeken van de inpolderingen in de Italiaanse Povlakte. Het westelijk deel bleef lang een 'wildernisse', een moeras van riet en wilgen, waar iedereen kon jagen, eieren zoeken en vis vangen. Het werd in de vijftiende eeuw ontgonnen en met sloten ontwaterd. Stukjes bij beetjes en zonder plan of bisschoppelijke voorschriften. Dat is te zien aan de grillige loop van de sloten en vaarten. 

Weidevogelparadijs

Vóór die tijd was de Eilandspolder ook al eens ontgonnen geweest maar door overstroming is het land weer verlaten.

Hier heeft Landschap een groot deel van de eilandjes in beheer, met als hoofddoel er een weidevogelparadijs van te maken. Daarbij is de medewerking van de boeren onontbeerlijk. Zij moeten met hun grazende vee het gras kort houden en voorkomen dat de eilandjes in bosjes veranderen. Om hun het werk niet al te moeilijk te maken zijn werkweggetjes aangelegd, zodat niet alle vervoer over het water hoeft te gebeuren. De bruggen die daarvoor nodig waren, zijn gebouwd op schaatsenrijdershoogte en leveren onder de draagbalken, onbedoeld, ook nog eens nestgelegenheid voor witte kwikstaarten, boerenzwaluwen en holenduiven. 

Aanvankelijk waren de weidevogelaantallen niet bemoedigend. Maar nadat het beheer volledig werd toegesneden op weidevogels, is dit deel van de Eilandspolder een waar weidevogelparadijs geworden. Zo worden 's winters alle rietkragen kort gemaaid, want grutto's en andere weidevogels willen bij het broeden vrij uitzicht hebben. Alles wat hoger groeit dan een grutto mag weg.

Een enkel rieteiland mag blijven voor de roerdompen en andere rietvogels. 

Siberië

Midden in het zuidelijk deel stond een bosje, dat de weidevogels niet prettig vonden, het heet daar ’Siberië’, omdat het zo ver van de dorpen af lag. Er zaten kraaien die het op de kuikens hadden gemunt. Het bosje is gekapt en het landje is veranderd in  plasdrasgebiedje met poel, waar in het vroege voorjaar de arriverende grutto's zich verzamelen. Dan zitten er wel driehonderd bij elkaar op een oppervlak van een klein voetbalveld. De poel kan een rietput worden waar roerdomp en kleine  karekiet zich thuis zouden voelen. De graskade rondom is populair als broedgebiedje voor kluten en visdiefjes en er zijn in het voorjaar zeer opgewonden kemphanen te zien. 

Sloten en weilanden zijn ontdekt door slobeenden, krakeenden, bergeenden, tureluurs, kieviten, gele kwikstaarten en scholeksters, alles in ouderwetse aantallen. Het beheer werkt zijn vruchten af.

Maar de westelijke Eilandspolder is meer dan alleen gruttoland. Er zijn trilveeneilandjes die veenmos, varens en orchideeën herbergen. Er is een boomgaard van wel honderd jaar oud, waarin zich een reigerkolonie heeft gevestigd. Daar worden ook grote zilverreigers gezien en een paar nesten van lepelaars. Om de gaard van de totale verwildering te redden worden op gezette tijden de braambossen gesnoeid. Ook aan de kant van Driehuizen staat een bos, met voornamelijk berken, aan weerskanten van een weldadig stille kreek. Nog weer ander plukjes bomen zijn zogenaamde pestbosjes, waar vroeger het besmette vee werd begraven.  Niemand durfde die grond nog te gebruiken.

Het water op

Natuurlijk is de westelijke Eilandspolder goed te overzien vanaf de ringdijk, maar om hem werkelijk te ervaren moet je het water op. Bij het beroemde café De Vriendschap zijn allerhande vaartuigen te huur. Ook de eigen boot mag er te water. Het Landschap kan u voorzien van een routekaart. De eilanden zijn voor de vogels bestemd en daarom voor de mens verboden terrein, maar het water is overal vrij toegankelijk, zeker als het bevroren is. Dan breekt er rond de polder een variant van de Elfstedenkoorts uit. Dan wordt de Eilandspoldertocht verreden. De bruggen waren al op schaatserhoogte gebracht. 

Het mooie van dit polderwater is, dat het helemaal eigen is. Bijna nooit hoeft er vreemd en vuil water ingelaten te worden. Sterker nog: er komt voortdurend water uit, dat met de zogeheten metalen Bosmanmolentjes overal op het juist peil wordt gehouden. Op een paar plekken is het er wat natter om de vogels te plezieren. Het grootste water is de Lei. Daar bevinden zich een aanlegplaats, een zwemsteiger en recreatieveld 'De Vink', waar niemand de weidevogels kan storen.

Een ander mogelijkheid om de polder te verkennen is het weggetje vanaf West-Graftdijk naar het kerkemeertje en het uilenbosje, waar een uitkijkheuvel is en een vogelkijkscherm. Het weggetje loopt nog door langs het moeraslandje, helemaal in het hart van het gebied. 

Het noordelijk deel van de polder, de Menningweer, is niet toegankelijk maar heel goed te overzien van de omringende dijken.


🇳🇱  © JOIR Design - 2006 - 2017  |  Links  |  Downloads  |  Contact  |  Site Map  |  Disclaimer  |  Privacy  | Licentierechten  🇳🇱